Woorden langer maken (2)

Dit moet je heel goed kunnen voor je aan de werkwoordspelling begint.

Er zijn een paar manieren die je helpen bij het langer maken van een woord:

Gewoon langer maken
betaal_ > betaalde > je hoort een 'd' en schrijft een 'd'
verwoes_ > verwoeste > je hoort een 't' en schrijft een 't'

Haal het beginstuk er af en maak het langer
gebof_ > haal ge- weg > bofte > je hoort een 't' en schrijft een 't'
gescheeld > haal ge- weg > > scheelde > je hoort een 'd' en schrijft een 'd'

Onduidelijk? Gebruik 't Fokschaap X
- Zoek het hele werkwoord
- Haal -en er af
- Zit de laatste letter in 't F-o-K-S-CH-aa-P-X? > dan is de laatste letter een 't'
- Zit de laatste letter niet in 't F-o-K-S-CH-aa-P-X? > dan is de laatste letter een 'd'
Bijvoorbeeld:
geëis_ > eisen > eis|en > de 's' zit in 't Fokschaap > dus: geëist
gestoof_ > stoven > stov|en > de 'v' zit niet in 't Fokschaap > dus gestoofd

gebof, doorgevijl, geplons, gebeur, gesurf, gejog, bekeur, verdubbel, aangepak, verwerk, opgezoch, geverg, gereis, gewens, geproef, gesnap, gestreef, gemaak, gestomp, gedans, verbaas, voorspel, bestem, vergader, verhoog, geblaf, weggeris, teruggedeins, geschors, gekrab.